Ons doel is om staal te produceren met minder CO2-uitstoot, minder impact op de leefomgeving en meer inzet van schroot. Dat doen we met de kennis die we hebben opgebouwd en met nieuwe installaties, zoals de Direct Reduced Iron fabriek (DRI) en een elektrische oven.
Dit is onderdeel van ons Groen Staal Project. Een enorm project met grote ambities, maar ook afhankelijkheden (lees hier hoe dat zit). Als onderdeel van dat project starten wij onze DRI-fabriek eerst op met aardgas en gaan later (groene) waterstof en/of biomethaan gebruiken, zodra dit voldoende voorradig, betaalbaar en verkrijgbaar is - ook technische factoren, infrastructuur en vereiste investeringen zijn van invloed. Hiermee verlagen we onze CO2-uitstoot na de eerste transitiefase met meer dan 40%. Dit is ten opzichte van onze maximumcapaciteit in 2018, wat als referentiejaar is gebruikt in het onafhankelijke technische haalbaarheidsonderzoek voor de overheid (bron: Mott MacDonald). In 2045 willen we net zero bereiken voor al onze broeikasgasemissies in scope 1 en 2. De elektrische oven draait op groene stroom.
Lees ook: Tata Steel en ECOLOG werken samen aan vloeibare waterstof en CO2-corridor Noorwegen - Amsterdam
Voor goede kwaliteit staal, moet zuurstof uit ijzererts gehaald worden. Dit wordt ook wel reduceren genoemd. Wij doen dat nu nog met kolen in onze hoogovens. Maar daar komt veel CO2 bij vrij. Daarom vervangen we de hoogovens door de DRI-technologie. Deze technologie heeft geen kolen nodig, maar gebruikt aardgas en kan later geschikt worden gemaakt voor waterstof en/of biomethaan voor de reductie. Daar komt veel minder CO2 bij vrij.
Daarnaast is voorzien dat een relatief zuivere CO2-stroom uit het DRI-proces wordt afgevangen, gereedgemaakt voor transport en peranent ondergronds opgeslagen. Dit proces (CCS) kan daarmee 0,6 miljoen toen CO2-uitstoot per jaar voorkomen.
Het reduceren bij een DRI-fabriek gebeurt in een schachtoven bij een relatief lage temperatuur (ongeveer 1.000°C). Nadat het zuurstof van het ijzererts gescheiden is (reductie), wordt deze in een elektrische oven tot vloeibaar ruwijzer verwerkt.
Het ijzer uit de DRI fabriek wordt verder gesmolten in een elektrische oven. Wij hebben gekozen voor een electric arc furnace (EAF), ofwel vlamboogoven. Deze EAF kan grote hoeveelheden schroot verwerken, waardoor het aandeel schroot in de staalproductie kan toenemen.
In de EAF worden het gereduceerde ijzer en het schroot verhit tot ongeveer 1.600°C. Dit doen we door middel van elektrische stroom die door grote elektroden wordt geleid. Daardoor smelten de grondstoffen en wordt het vloeibare staal van de slak gescheiden.
Het vloeibare staal tappen we vervolgens in staalpannen en verwerken we verder in onze panbehandelingsinstallaties. Deze stap zorgt voor hoogwaardig staal.
Het ruwijzer wordt met torpedo’s over een nieuwe spoorlijn naar de Staalfabriek gebracht. Wij behandelen de restgassen in een gasverhitter en CO2-verwijderingsinstallatie. Daarmee kunnen wij deze hergebruiken in het productieproces.


