“Angst en verdriet gingen bij ons hand in hand”
Op maandag 4 mei vindt bij Tata Steel de herdenking plaats van alle burgers en militairen die sinds de Tweede Wereldoorlog zijn omgekomen in oorlogssituaties en bij vredesmissies. Medewerkers en omwonenden zijn van harte uitgenodigd om deze herdenking bij te wonen, bij het Oorlogsmonument aan de Wenckebachstraat. De bijeenkomst start om 10.00 uur. Tijdens de bijeenkomst wordt het verhaal van Knegjes belicht. Zijn halfbroer Gerrit Jan van der Steen, assistent bij Walserij Oost bij Tata Steel aan het begin van de oorlog, komt in 1945 om het leven.
Omgekomen door onderkoeling. Zo luidt de officiële overlijdensverklaring van Gerrit Jan van der Steen. In werkelijkheid komt Gerrit Jan om het leven doordat hij 36 uur onder het puin ligt na een bombardement. Hij wordt slechts 27 jaar. Zijn halfbroer Jaap Knegjes die dan zeven jaar is, vertelt wat hij nog weet van die tijd en van de jaren erna.
Gerrit Jan van der Steen werkt als assistent bij Walserij Oost als de Tweede Wereldoorlog begint. Samen met onder meer zijn goede vriend Ben Albers wordt hij te werk gesteld in Hamburg. Jaap: “Ik weet nog dat hij bij zijn vertrek in mijn wang kneep en me ‘spekkop’ noemde. En toen was hij weg.” Gerrit Jan verricht dwangarbeid in Hamburg en woont bij burgers in huis. Jaap: “Hij had hier een relatief goed leven, ging bijvoorbeeld ook naar de bioscoop en eens in de zoveel tijd mocht hij naar huis. Hij moest dan beloven dat hij weer terugkwam naar Duitsland anders zou de volgende die aan de beurt was om naar huis te gaan, niet mogen vertrekken. Gerrit Jan hield zich aan de regels, want hij was een man van zijn woord. Helaas bezegelde hij daarmee wel zijn lot.”
Angst en verdriet
In 1945 bombarderen de geallieerden de Duitse steden, waaronder Hamburg. Bij een van die bombardementen wordt het huis waar Gerrit Jan verblijft, getroffen. Gerrit Jan belandt onder het puin waarna hij overlijdt. Jaap: “Ik weet nog dat mijn moeder met mij aan de hand stond toen haar werd meegedeeld dat mijn halfbroer was omgekomen. Het gerucht gaat dat ze van verdriet binnen een maand volledig grijs was. Bij mijn halfzus die een jaar jonger was dan Gerrit Jan, ontstond de angst dat haar man, die ook in Duitsland verbleef, eveneens niet zou terugkeren. Angst en verdriet gingen bij ons hand in hand. Gelukkig is hij wél teruggekeerd.”
Steun bij lotgenoten
Hoe jong hij ook was, Jaap herinnert zich nog goed dat Ben na het overlijden van Gerrit Jan regelmatig langskwam. Ben is ook degene die ervoor zorgt dat Gerrit Jan een begrafenis krijgt in Duitsland. “Daar was mijn moeder hem natuurlijk heel dankbaar voor. En ik denk dat ze het heel prettig vond om met Ben en andere vrienden van Gerrit Jan contact te houden. Zij stonden dichtbij Gert Jan. Zo voelde ze zich toch een beetje verbonden met hem. Steun zocht ze ook bij andere moeders die hun kind waren verloren. En ik weet nog dat ze brieven schreef naar Duitsland voor sommige moeders. Mijn moeder was daarin heel sociaal en hielp waar ze kon.”
Een monument als symbool
Gerrit Jan werd na de oorlog herbegraven in IJmuiden en kreeg in 1987 een plek op het Nationaal Ereveld in Loenen. Jaap: “Ik ben daar een paar keer geweest, ook nog een keer met mijn moeder. Meer heb ik met het monument van Tata Steel, daar kom ik regelmatig. Het heeft voor mij veel symbolische waarde. Ik loop dan langs, plaats bloemen, leg mijn hand even op het monument en groet Gerrit Jan. Zo houd ik de herinnering aan mijn halfbroer levend.”

