Ga naar de hoofdinhoud
05
februari
2025
|
09:15
Europe/Amsterdam

'De tijd dringt'

- FNV Tata Steel bestuurder Cihan Lacin

Vandaag, op 5 februari 2025, is FNV Tata Steel bestuurder Cihan Lacin samen met zo´n 100-150 vakbondsleden, medewerkers en collega's in Brussel om te pleiten voor actie. ‘Er is genoeg gepraat, de vergroening moet nu worden ingezet’, zo luidt het devies. 

Waarom gaan jullie uitgerekend nu protesteren voor groen staal?  

Je bedoelt demonstreren. Dat is nadrukkelijk niet hetzelfde als protesteren. We zien eindelijk een bewustwording bij Brussel: zij zien nu ook in dat je de verantwoordelijkheid voor de vergroening niet alleen kunt neerleggen bij de afzonderlijke landen. Dat gaat dit probleem niet oplossen. Alleen als een verenigd Europa kunnen we opboksen tegen economische grootmachten zoals Amerika en China. Maar als het gaat om beleid, is er ineens geen eenduidig Europa. Dat moet anders.’ 

Hoe bedoel je dat? 

Alle landen met een staalindustrie in Europa willen deze sprong maken. Tata Steel was met het door FNV en haar leden geïnitieerd Groen Staal plan een koploper, maar andere landen hebben ons inmiddels ingehaald. Zij gaan al naar de Europese commissie met hun plannen en krijgen goedkeuring. Nederland is nog steeds bezig met haar eigen overheid. Dat is op zich niet erg - het bouwen van nieuwe staalfabrieken alleen is niet voldoende. Een goede business case is ook noodzakelijk - en dat is niet het geval als de overheid tot in de eeuwigheid moet subsidiëren. Maar het is wel belangrijk om nu door te pakken. 

Hebben ze in het buitenland wel een business case? 

Andere landen maken deze rekensommen klaarblijkelijk makkelijker. Ze zeggen: “dit gaan we doen” en geven het dan ook echt een plek. Dat doen ze om drie redenen: ze vinden de werkgelegenheid belangrijk, willen hun autonomie behouden en ze zijn bang voor de gevolgen van het sluiten van een fabriek. Duitsland heeft het gedaan, België ook.  

Hebben zij niet dezelfde problemen? 

Jawel, maar het protectionisme van de overheid voor de industrie is daar groter. In Nederland denken we scherper na over het toekomstbeeld. We willen een groene industrie met een gelijk level playing field binnen Europa, en daarbuiten. Daarin speelt Brussel een belangrijke rol. Het loopt nu nog niet zoals het zou moeten lopen. De netwerkkosten moeten worden gelijkgetrokken, net als de energiekosten. Waterstof is nu nog schaars en daardoor ook nog te duur. De CBAM – boetemaatregelen op grijs staal van buiten Europa – werkt niet. Grijs staal blijft deze kant op komen. Brussel moet veel meer doen om deze bedrijven van een toekomst te voorzien. We kunnen wel glimmende fabrieken bouwen in Nederland maar als ze over 10 jaar failliet gaan, hebben we alsnog een grote fout gemaakt.  

Waarom is Nederland vergeleken met het buitenland zoveel trager? 

Vorig jaar kwam het Draghi Rapport uit over het Europese concurrentievermogen en hierdoor is er nu eindelijk meer bewustzijn in Brussel ontstaan. Arcelor Mittel en Thyssenkrupp hadden wel al een deal met de overheid maar ze zien toch risico’s, dus trappen ze zelf op de rem. Het bewijst dat dit eerst goed uitgedokterd moet zijn en daar blijkt toch meer voor nodig. Eind februari brengt de EU onder de noemer Clear Energy Act hun eerste rapport uit. Dat maakt dit zo’n goed moment om te manifesteren. Om te kunnen vergroenen hebben we een paraplu-visie nodig. Nederland is er klaar voor maar de bouw van nieuwe fabrieken alleen is niet voldoende. Daarom gaan we ook praten met de Europarlementariërs. 

Wie is we? 

We gaan vanuit Tata Steel met 2 a 3 bussen vol met vakbondsleden, medewerkers en collega's. Dat is een relatief kleine groep, maar genoeg om de boodschap over te kunnen brengen. Zo kunnen de Europarlementariërs onze input meenemen in de afspraken. Daarnaast gaan we naar het plein, om ook daar onze stem te laten horen.  

En dan? Zijn we weer een half jaar verder voor er iets gebeurt? 

Nee zeg, dat hoop ik niet! Het eerste rapport zal eind februari verschijnen. Andere bedrijven en sectoren moeten ook vergroenen, hun punten zullen ook meegenomen moeten worden. Dat geeft de overheden handvatten in eigen land om over dergelijke zaken te debatteren: hoeveel geld gaat er naar de bedrijven? Wat betalen ze zelf? Hoe voorkomen we dat de bedrijven over 10/20 jaar alsnog het niet redden in Europa door verkeerd beleid? Vooral dat laatste deel krijgt een prominente plek in Brussel. Dat kan niet te lang op zich laten wachten. De eerste deals zijn er al (in het buitenland) en het klimaatakkoord heeft natuurlijk ook een deadline. Willen we die halen, hadden we gisteren moeten beginnen. De tijd dringt.  

 

Download